“Zekerheid door langjarige afspraken”
In een werkgebied dat zich uitstrekt van de Duitse grens tot aan Kinderdijk werkt Waterschap Rivierenland aan waterbeheer in een veranderend landschap. Binnen dit grote areaal is landbouw een belangrijke economische pijler en wonen ruim 1 miljoen inwoners. Door intensief samen te werken met mkb-aannemers weet het waterschap de betaalbaarheid voor de inwoners op peil te houden. Maar er zijn meer redenen voor die nauwe banden met het mkb.

Han Koppens en Paula Dobbelaar-van Meenen zien het mkb een natuurlijk verlengstuk van het waterschap.
Ingeklemd tussen de Nederrijn en de Lek aan de noordzijde en de Maas aan de zuidzijde beheert Waterschap Rivierenland de waterhuishouding van de zandgronden in het oosten tot de veenweidegebieden bij Kinderdijk. Een areaal met daarin veel sloten die uitgebaggerd moeten worden en waarvan de oevers gemaaid moeten worden.
“De lokale mkb-aannemers waarmee we samenwerken hebben veel kennis van het gebied. Bovendien kennen ze vaak de agrariërs en bewoners in hun regio. Daarmee is het mkb een natuurlijk verlengstuk van ons als waterschap”, zegt Paula Dobbelaar-van Meenen, Afdelingshoofd Projecten Watersysteem, -Keten en Wegen van het waterschap.
Goede sparringpartner
Als overheidsinstelling is het waterschap er voor inwoners en ondernemers, vervolgt Dobbelaar-van Meenen. “We willen als waterschap in nauw contact staan met de burger en daarin trekken we graag hand in de hand op met de aannemers. Daarom ga ik zelf ook het veld in en evalueer ik met de aannemers hoe we projecten nog beter kunnen uitvoeren. Het is belangrijk om te weten wat de aannemers van ons nodig hebben om het werk nog beter te kunnen uitvoeren.”
Behalve voor die evaluatie, vindt Dobbelaar-van Meenen het belangrijk dat het waterschap ook als sparringpartner bij het mkb aan tafel zit. “We zijn samen verantwoordelijk voor de toekomst van de uitvoering van onze taken. Zo bespreken we met elkaar over hoe we jonge vakmensen aan ons vakgebied binden. Hoe we duurzamer ons werk kunnen uitvoeren en welke nieuwe technologieën er zijn om de samenwerking te verbeteren.”
Die betrokkenheid wordt door de mkb-aannemers gewaardeerd en resulteerde vorig jaar in de nominatie voor de MKB INFRA-AanbestedingsAward.

Samen naar hogere productie
Niet alleen voor de bescherming van de bewoonde gebieden, maar ook voor de weidegronden als akkerlanden is het aan het waterschap om het waterpeil in de sloten, weteringen en rivier de Linge zo optimaal mogelijk te houden. Daarvoor vertrouwt Waterschap Rivierenland op een uitgebreid netwerk van ruim 200 gemalen en bijna 3.000 stuwen. Ook waterbuffers en dijken zijn onderdeel van dat netwerk dat bescherming biedt tegen wateroverlast en droogte. De bijna 30 afvalwaterzuiveringen zorgen ervoor dat het afvalwater binnen 24 uur schoon genoeg is om op het oppervlaktewater te lozen.
“Voor de aanleg en het onderhoud daarvan werken we graag met mkb-aannemers”, zegt Han Koppens, Inkoopadviseur van het waterschap. “Dat geldt ook voor de vele vispassages en natuurvriendelijke oevers in ons werkgebied. We kijken samen met de aannemers naar manieren om de productie te verhogen. Mooi voorbeeld daarvan is de ontwikkeling naar het standaardiseren van onze stuwen. Voor de renovatie van gemalen gaven aannemers, waarmee we vaker samenwerken, terug dat ze graag meer betrokken willen worden in het traject tot aan het definitief ontwerp. Daarop hebben wij ons proces aangepast.”

Gemaal De Pannerling is de bron van de Linge.
Raamcontracten bieden zekerheid
Waterschap Rivierenland selecteert bij meervoudig onderhandse aanbestedingen bekende aannemers die geschikt zijn voor het betreffende project. “Bij repeterende werken sluiten we met meerdere aannemers raamcontracten voor een periode van vier jaar. Die langdurige afspraken bieden voor de aannemer en voor ons als opdrachtgever mooie kansen. Bijvoorbeeld door heel concreet samen te kijken naar nog effectievere en efficiëntere manieren van uitvoering, maar bijvoorbeeld ook om invulling te geven aan onze duurzaamheidsambities. We kunnen elkaar in die periode versterken”, zegt Koppens.
Zo werkt het waterschap ook met meerdere mkb-aannemers tegelijk binnen grote projecten. “Zo hebben we nu een langjarig contract met verschillende aannemers voor de renovatie van twintig poldergemalen. Daarin werken we heel open en transparant samen en kunnen we kwaliteit en snelheid waarborgen. We hoeven namelijk niet twintig keer een plan voor één poldergemaal te maken, maar maken samen één plan voor twintig poldergemalen.”
Investeringen stimuleren
Het meerjarig commitment van het waterschap stimuleert mkb-aannemers om te investeren.
“Het mkb staat bekend om zijn investeringsdrang. Als het uitzicht op het terugverdienen van een investering aanwezig is, vergroot dat de bereidheid om de stap te zetten. De raamcontracten die wij aanbieden, zorgen voor het vertrouwen dat de aannemer zijn investering kan terugverdienen.”
Dobbelaar-van Meenen voegt toe dat het waterschap ook als het gaat om verduurzaming en regelgeving wil ondersteunen in de ontwikkeling. “Zo zijn we met Cumela in gesprek over de mogelijkheden en onmogelijkheden voor het mkb in de transitie naar de Veiligheidsladder trede 3. We willen het vooral als middel zien en de markt helpen om stappen te zetten. De weg ernaartoe moet werkbaar blijven.”
Op stoel van aannemer zitten
Soortgelijk is de aandacht voor de proportionaliteit van de aanbestedingen. Koppens: “Bijvoorbeeld op het gebied van de CO2 Prestatieladder. Door steeds kritisch te kijken naar wat we uitvragen en ons af te vragen in hoeverre dat realistisch is voor het mkb. Die proportionaliteit bepaalt in sterke mate of een opdracht voor het mkb uitvoerbaar is of niet. Daarom probeer ik zelf op de stoel van een mkb-aannemer te gaan zitten om te kunnen beoordelen hoe proportioneel een uitvraag is.”
Dat daarin veel mogelijk is, bewezen diverse Europese aanbestedingen die uiteindelijk aan mkb-aannemers werden gegund. “Zij werden geselecteerd vanwege hun ervaring met het werk en hun gebiedskennis.” Volgens Koppens is het inkoopproces door die nauwe betrokkenheid een dynamisch en energiek traject geworden. “Daarom werken we bij bepaalde opdrachten bij voorkeur met mkb-aannemers. Ook als projecten echt te groot zijn voor het mkb, want dan brengen we deze aannemers nadrukkelijk onder de aandacht als onderaannemer bij de hoofdaannemer. Hun gebiedskennis en ervaring ontbreekt vaak bij de grote hoofdaannemers.”

Luchtopname van de bouw van het gemaal De Pannerling.
De Pannerling
De nominatie voor de MKB INFRA-AanbestedingsAward dankt Waterschap Rivierenland aan het nieuwe gemaal De Pannerling in de Linge bij Doornenburg. “Het gemaal vormt het begin van de Linge, de langste meanderende rivier van het land en vervangt de oude Pannerling. Dat was een drijvend gemaal met een kleinere capaciteit “, zegt Dobbelaar-van Meenen.
Dankzij de capaciteit van 360 m³ per minuut van het nieuwe, vaste gemaal, gebouwd door De Kuiper Infrabouw, kan Waterschap Rivierenland bij droogte meer water het gebied inbrengen. Het water ondersteunt niet alleen de Linge, maar ook natte natuurgebieden, landbouw en recreatie in het hele stroomgebied van de Linge. Door de nieuwbouw kan het waterschap – ook bij lage waterstand – langer water aanvoeren zonder er extra pompen bij te plaatsen. Het gemaal heeft ook een nieuwe vislift die bijdraagt aan de biodiversiteit in het gebied. De nieuwe Pannerling helpt ons om nog beter om te gaan met de weersextremen als gevolg van de klimaatverandering.”

MKB INFRA-AanbestedingsAward
Met de MKB INFRA-AanbestedingsAward wordt ingespeeld op de aanbestedingswetgeving, waardoor een gelijk speelveld voor grote en mkb-bedrijven moet ontstaan en eerlijke concurrentie wordt gestimuleerd. De instelling van de tweejaarlijkse prijs heeft tot doel opdrachtgevers uit overheden en semi-overheden te stimuleren mkb-bedrijven betere kansen op opdrachten in de grond-, weg- en waterbouw te geven. Met de prijs hoopt MKB INFRA dat vernieuwende oplossingen worden geïnitieerd en optimale prijs-prestatieverhoudingen worden bereikt, waarmee tevens het maatschappelijk belang wordt gediend. Eerdere prijswinnaars waren de gemeenten Nijmegen, Steenwijkerland, Tilburg, Enschede, Den Haag en Eindhoven. In 2025 won de provincie Drenthe.