BouwBelang: Platform voor bouw en infra van AFNL

Verzwaring van het elektriciteitsnetwerk

27-05-2026
door Redactie
Nieuws

In Amsterdam wordt het elektriciteitsnet de komende jaren met een factor drie verzwaard. Wat zijn daarbij de kansen voor het mkb bouw en infra?

Op het Amsterdamse Zeeburgereiland bouwen Tennet en Liander een nieuw elektriciteitsstation.

Tekst: Hans Fuchs Beeld: Kees Stuip

De verzwaring van het elektriciteitsnet, dat is werk aan de winkel voor het mkb bouw en infra. Navraag bij AFNL-lid Cumela leert dat de achterban zich daar terdege bewust van is. Cumela’s persvoorlichter Femke Vijn: “Dat er veel werk in het verschiet ligt is duidelijk. Niet alleen als het gaat om het oplossen van netcongestie en zeker niet alleen in de regio Amsterdam. De pas verschenen Nota Ruimte van het Rijk laat zien hoe cruciaal onze sector is voor de toekomst van Nederland en alle ruimtelijke vraagstukken die de komende jaren getackeld moeten worden.” Over hoeveel werk de aanleg van laadinfra en andere werkzaamheden met betrekking tot stroomvoorziening nu al oplevert voor Cumela-leden zijn geen data bekend.

Eén op de drie straten open

De gemeente Amsterdam heeft wel data. Om het opschalen van het net te versoepelen en vertraging te voorkomen is in de hoofdstad de TaskForce Netcongestie Amsterdam in het leven geroepen, met daarin vertegenwoordigers van de gemeente en de netbeheerders Tennet en Liander. De twee doelen van de taskforce: snel structurele netuitbreidingen realiseren en de impact van de netcongestie in de stad beperken. Dat doet de TaskForce op basis van inzichten uit de tweejaarlijkse Themastudies Elektriciteitsnetwerk Amsterdam (TSA’s), onderzoeken met daarin scenario’s voor het toekomstige stroomgebruik in de stad.

Uit de laatste TSA 3.0 (2024) blijkt; in 2050 ligt de vraag naar elektriciteit in Amsterdam drie tot vier keer hoger dan nu – rond de 4000 megawatt. De hoofdstad heeft daarvoor 2600 extra transformatorhuisjes nodig. Naar verwachting 1400 daarvan worden geïntegreerd in nieuwbouwprojecten, minstens 1200 moeten een plek krijgen in de openbare ruimte. TenneT en Liander bouwen in en om de hoofdstad de komende jaren ook nog eens twintig nieuwe elektriciteitsstations plus de benodigde kabelverbindingen. Negentien bestaande elektriciteitsstations worden verzwaard. Deze verzwaring van het net gaat tien tot vijftien jaar duren, meldt de TaskForce Netcongestie Amsterdam. In die periode gaat één op de drie straten in de stad open, aldus de taskforce.

In het Westelijk Havengebied van Amsterdam staat GIGA Storage. Vermogenscapaciteit: 10 megawatt, opslagcapaciteit 47 megawatt.

‘Zinkende delta’

In Amsterdam is Mimi Eelman als Programmamanager Kennis & Innovatie bij Energie voor de Stad nauw bij de verzwaring van het elektriciteitsnet betrokken. Eelman geeft aan dat momenteel rond de zes procent van de Amsterdamse straten open ligt vanwege werkzaamheden, onder andere aan de netverzwaring. Dat percentage gaat de komende jaren stijgen, meldt Eelman, en daar zijn vier triggers voor: “Naast de verzwaring van de elektriciteitsinfra speelt ook de toekomstige aanleg van het warmtenet. Daarvoor zijn in de stad warmteoverdrachtstations nodig, de ‘transformatorhuisjes van het warmtenet’. Daarnaast is sprake van de vervanging van het gasnet en het riool, waar de waterafvoercapaciteit omhoog moet in verband met zware hoosbuien. Dat zijn de grote transities die nu gaande zijn. Met als aanleiding, mensen vergeten dat wel eens, de klimaatverandering. Dat is het drijvende idee achter al deze operaties. We wonen in een zinkende delta.”

Innovaties en gamechangers

Kunnen het mkb bouw en infra een rol vervullen bij de verzwaring van het elektriciteitsnet? “Die opdracht wordt vergeven door de netbeheerders”, onderstreept Mimi Eelman: “Maar als in een straat of gebied ook gemeentelijke opgaven samenkomen – afval, groen, verlichting, een nieuw warmtenet – is coördinatie nodig. Dan komt de gemeente in beeld, als vergunningverlener en als opdrachtgever.”

Met de Amsterdamse Onderzoek & Innovatie Agenda zoekt Eelman naar innovaties en gamechangers die het ruimtebeslag van de schaalsprong in de stad reduceren, en naar manieren om slimmer gebruik te maken van het bestaande energienetwerk: “Langzaam maar zeker wordt duidelijk dat we anders moeten gaan denken over netcongestie en ons elektriciteitsnetwerk anders moeten gaan inrichten. Bijvoorbeeld door het afvlakken van pieken in het verbruik of het mijden van spitsuren. Het elektriciteitsnet zit alleen op sommige momenten per jaar écht vol. Daarin is nog een wereld te winnen.” En ook in de uitvoering moeten slagen worden gemaakt, aldus Eelman. Zij verwijst naar een recent project in Rotterdam: “Daar is kortgeleden een hele straat integraal aangepakt. Snelheid van werken: één meter per dag. Dat is heel erg langzaam. Toen de vraag werd gesteld wat men kon bedenken om dat sneller en makkelijker te maken, kwam men uit op 2,5 meter per dag – een optimalisatie van de bestaande werkwijze. Maar om de doelen van 2050 te halen moet de snelheid naar tien tot honderd meter per dag.”

Sinds kort hebben de netbeheerders ruimere bevoegdheden voor een flexibele omgang met de ruimte op het elektriciteitsnet.

Scherp krijgen wat nodig is

Om dat te bereiken is de markt nodig, aldus Eelman. Met die markt is de gemeente ook in overleg. Sinds 2016 al is er de ‘Dialoog met de bouwsector’, en er is een mkb convenant, bedoeld om tot een betere samenwerking te komen. Eelman: “De dialoog met de bouwsector en het mkb helpt om scherp te krijgen wat we werkelijk nodig hebben. Hoe we in de energietransitie huidige werkwijzes loslaten om tot innovaties te komen die leiden tot betere oplossingen, slimmer en sneller. Daar willen we de markt graag op uitdagen; die tien tot honderd meter per dag halen. Wat heeft de markt nodig om dat te realiseren? Hoe kunnen we als gemeente daarbij ondersteunen? Dan kun je in Amsterdam aan het werk. Voor ondernemers liggen daar veel kansen.”

Lastig daarbij is dat de energietransitie een speelveld zonder vaste ankers is, aldus Eelman: “Er is een stip aan de horizon. Maar de weg er naar toe, dat kan op verschillende manieren. Dat maakt de opgave onoverzichtelijker. En je hebt te maken met bestaande wet- en regelgeving. In dat speelveld zijn wij als gemeente ook niet per se altijd een betrouwbare partner.”

Tot 2050 heeft Amsterdam 2600 extra transformatorhuisjes nodig.

Emissieloos

Bijkomend punt van aandacht: al dat werk aan de netverzwarting moet emissieloos. Daarbij is de netcongestie een probleem, meldt Femke Vijn van Cumela: “Een groot deel van onze achterban heeft al flink geïnvesteerd in elektrisch materieel, maar merkt ook dat emissieloos werken nog lang niet altijd de norm is of zelfs onmogelijk doordat er geen laadpunten zijn, ze niet beschikbaar zijn of niet gebruikt mogen worden. Een emissieloos project vraagt dan ook ruime planning vooraf. Dat de overheid inmiddels ‘zero emissie’ als norm hanteert betekent helaas niet dat de laadinfra goed geregeld is. Het emissieloos oplossen van de netcongestie – ook in Amsterdam – is een beetje een slang die in zijn eigen staart bijt.”

Uitdaging voor de markt: in de energietransitie huidige werkwijzes loslaten en betere oplossingen bedenken.

Flexibele toegang

Eelman ziet hier op twee fronten verbeteringen ontstaan. Niet alleen bij ondernemers die creatieve oplossingen bedenken: “Bedrijven die geraakt worden investeren in slim energiemanagement in combinatie met batterijopslag, in thermische opslag of buffering in een warmtenet. Ook zijn er emissieloze generatoren op waterstof, ethanol en mierenzuur op de markt.” Volgens Eelman verbetert de situatie ook bij de netbeheerders: “Netbeheerders kunnen de ruimte op het net niet altijd optimaal flexibel beheren, door de wijze van contracteren. Sinds kort hebben zij ruimere bevoegdheden voor een flexibele omgang met de capaciteit op het net. Daardoor ontstaat ruimte voor gebruik van aansluitingen door derden. Maar flexibele contractvormen worden nog niet als standaardproduct uitgegeven. Daar heeft de ACM de netbeheerders onlangs nog op gewezen. Dat betekent dat je als ondernemer letterlijk de de boer op mag met de vraag ‘Kunnen we jouw ruimte op het net even lenen?’. Ook de gemeente faciliteert, zodat bedrijven elkaar weten te vinden. Je kunt daarbij ook denken aan een platform met een makelaarsfunctie. De netcongestie is dan met elkaar iets sneller op te lossen.”