Arbowet gewijzigd: medewerkers meer betrekken
Sinds 1 juli 2026 is de Arbowet op een belangrijk punt gewijzigd. Werkgevers moeten hun medewerkers nadrukkelijker betrekken bij het arbobeleid en de uitvoering daarvan.

Foto: KOMO.
Met name lid 1 en lid 2 van artikel 12 zijn gewijzigd. Het oude derde lid is vervallen en de overige leden zijn vernummerd. Wat betekent dit? Vooral dat werkgevers hun medewerkers nadrukkelijker moeten betrekken bij het arbobeleid en de uitvoering daarvan. Dat klinkt misschien als een extra verplichting, maar in de praktijk draait het vooral om iets wat veel bedrijven al doen: in gesprek gaan met de mensen die dagelijks op de werkvloer staan. Want wie weet beter waar het goed gaat, waar risico’s ontstaan en wat er beter kan dan de medewerkers zelf?
Wat is er veranderd?
De Arbowet schrijft nu explicieter voor dat werkgevers hun medewerkers of hun vertegenwoordigers moeten raadplegen over het arbobeleid. Heeft uw bedrijf een ondernemingsraad (OR) of personeelsvertegenwoordiging (PVT)? Dan voert u het overleg met hen. Heeft uw bedrijf geen OR of PVT? Dan moet u de medewerkers die het aangaat zelf betrekken. Het gaat daarbij niet alleen om informeren. Medewerkers moeten daadwerkelijk de mogelijkheid krijgen om mee te denken, risico’s aan te kaarten en voorstellen te doen.
Waarover raadplegen?
Bij maatregelen die van belang kunnen zijn voor de veiligheid en gezondheid op het werk, moeten medewerkers of hun vertegenwoordigers worden betrokken. De wet noemt in ieder geval de volgende onderwerpen:
- risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E);
- bedrijfshulpverlening (BHV);
- organisatie van de preventie en deskundige ondersteuning;
- inzet van deskundigen;
- arbodienst;
- voorlichting en informatie over veilig en gezond werken.
Dat betekent niet dat over ieder klein onderwerp een formele vergadering moet worden georganiseerd. Wel is het belangrijk dat medewerkers worden betrokken wanneer er zaken veranderen die invloed hebben op hun veiligheid en gezondheid.
RI&E op papier is niet genoeg
Een RI&E kan volledig en actueel zijn. Ook kunt u een goed contract met een arbodienst hebben en alle zaken formeel goed geregeld hebben. Maar goed arbobeleid ontstaat niet alleen achter een bureau. De praktijk op de werkvloer is minstens zo belangrijk. Medewerkers zien bijvoorbeeld:
- waar werkzaamheden in de praktijk anders verlopen dan gepland;
- waar de werkdruk oploopt;
- welke veiligheidsmaatregelen wel of juist niet werken;
- waar bijna-ongevallen plaatsvinden;
- welke risico’s door het management mogelijk niet direct worden gezien.
Door hierover regelmatig met medewerkers in gesprek te gaan, krijgt u een beter beeld van wat er werkelijk speelt.
Hoe kunt u dit praktisch aanpakken?
De wet schrijft niet precies voor hoe vaak of op welke manier u medewerkers moet raadplegen. U kunt dit dus laten aansluiten bij uw eigen organisatie. Dat kan bijvoorbeeld door arbeidsomstandigheden regelmatig te bespreken tijdens:
- een werkoverleg;
- een toolboxmeeting;
- een bouwplaats- of veiligheidsronde;
- een overleg met de OR of PVT;
- een evaluatie van de RI&E;
- een gesprek na een incident of bijna-ongeval.
Belangrijk is vooral dat medewerkers niet alleen worden geïnformeerd over besluiten die al zijn genomen, maar ook de gelegenheid krijgen om vooraf mee te denken.
Vijf vragen die u direct kunt stellen
Wilt u hier morgen al mee beginnen? Stel dan eens deze vragen aan uw medewerkers:
- Waar zie jij de grootste risico’s in je werk?
- Welke veiligheidsmaatregelen werken goed en welke minder goed?
- Waar lopen we volgens jou risico’s die we nu onvoldoende zien?
- Wat kunnen we doen om het werk veiliger en gezonder te maken?
- Welke verbeteringen zouden volgens jou prioriteit moeten krijgen?
De antwoorden kunnen waardevolle informatie opleveren voor uw RI&E, plan van aanpak en dagelijkse veiligheidsbeleid.
Gaat u werken met nieuwe machines, andere werkmethoden of nieuwe materialen? Verandert de organisatie van de BHV of preventie? Of past u uw RI&E aan? Dan is dat een logisch moment om medewerkers te betrekken. Door dit vooraf te doen, kunnen risico’s en praktische knelpunten eerder worden gesignaleerd. Bovendien vergroot het de kans dat afspraken en maatregelen op de werkvloer daadwerkelijk werken.
Goed arbobeleid maak je samen
De werkgever blijft verantwoordelijk voor een veilige en gezonde werkomgeving. De nieuwe regels veranderen daar niets aan. Wat wel duidelijker in de wet is vastgelegd, is dat goed arbobeleid niet alleen van bovenaf wordt georganiseerd.
Veilig en gezond werken begint met weten wat er op de werkvloer speelt. En daarvoor is het gesprek met medewerkers onmisbaar.