Drones brengen bouwlogistiek naar een hoger niveau
Uit het op 2 oktober gepubliceerde rapport ‘Drones in Bouwlogistiek’ blijkt dat drones zowel voor verticaal transport op de bouwplaats als voor horizontaal transport tussen externe opslaglocaties, een veelbelovende oplossing bieden.

Foto: Bouwend Nederland.
De bouw- en infrasector staat voor grote logistieke uitdagingen: ruimtegebrek, druk op de openbare ruimte, personeelstekorten en de noodzaak om efficiënter en duurzamer te werken. Uit het rapport ‘Drones in Bouwlogistiek’, een samenwerking tussen Topsector Logistiek en Bouwend Nederland, blijkt dat drones zowel voor verticaal transport op de bouwplaats als voor horizontaal transport tussen externe opslaglocaties een veelbelovende oplossing bieden.
Praktijkproeven tonen meerwaarde aan
Het praktijkgerichte onderzoek bestond uit testvluchten op verschillende bouwplaatsen en in de logistieke keten. Daarbij is nadrukkelijk gekeken naar twee vliegrichtingen:
- Verticaal vliegen betekent dat drones kleine materialen en gereedschappen vanaf het maaiveld naar hogere verdiepingen brengen. Vooral bij ongeplande spoedleveringen, bijvoorbeeld van een vergeten onderdeel of accu, kan dit wachttijd en stilstand voorkomen. De drone vormt hierbij een flexibele aanvulling op bouwliften, bouwkranen en runners. Op korte termijn liggen hier volgens het onderzoek de grootste kansen.
- Horizontaal vliegen gaat over transport tussen een externe locatie, zoals een bouwhub of leverancier, en de bouwplaats. Drones kunnen kleine, lichte en tijdkritische materialen rechtstreeks naar het project vervoeren en zo een spoedrit met een bestelbus voorkomen. Deze toepassing is technisch haalbaar en biedt perspectief voor efficiëntere, voorspelbaardere en mogelijk duurzamere bevoorrading. Voor structurele opschaling is verdere integratie in de logistieke planning nodig en moet de wet- en regelgeving meer ruimte bieden.
Naast transport bieden drones ook kansen voor inspecties, voortgangscontroles, inmetingen, kwaliteitscontroles en veiligheidsinspecties. Daarmee kan één vlucht in de toekomst mogelijk meerdere functies combineren.
Wet- en regelgeving als grootste uitdaging
De techniek is klaar voor specifieke toepassingen, maar de grootste uitdaging ligt bij de integratie van drones in bestaande processen en het voldoen aan wet- en regelgeving. Bij verticaal transport moet een vlucht veilig worden afgestemd met bouwkranen, bouwliften en andere werkzaamheden op de bouwplaats. Bij horizontaal transport vragen vooral de vliegroute, zicht op de drone, geschikte start- en landingslocaties en de aansluiting op de bevoorradingsketen aandacht. Structurele toepassing vraagt daarom om goede organisatorische inbedding, standaardprocedures en meer ruimte binnen de regelgeving.
Vervolgstappen
Met dit rapport in de hand worden vervolgstappen gezet. Daarbij ligt de inzet op twee sporen: verticaal dronevervoer verder toepasbaar maken voor tijdkritische leveringen op bouwplaatsen en horizontaal dronevervoer ontwikkelen tot een volwaardige schakel tussen bouwhubs, leveranciers, depots en bouwprojecten. Daarnaast moet wet- en regelgeving worden aangepast, zodat drones een volwaardige plek krijgen in het lage luchtruim en de bouwlogistiek verder kunnen verduurzamen en versnellen.
Lees het rapport ‘Drones in Bouwlogistiek’.