“Maak het niet bijzonder, we zijn gewoon collega’s”
Het is een aloud cliché: een bouwplaats zou geen geschikte werkplek zijn voor vrouwen. Steeds meer vrouwen bewijzen echter het tegendeel. Metselaar Hinke is al 36 jaar actief in de bouw en zij-instromer, Magda begon ruim twee jaar geleden aan een carrière als restauratievoeger.

Magda Pannekoek (links) en Hinke Wallinga voelen zich helemaal thuis in de bouw.
In een restaurant tegenover een sfeervol woonblok in Amsterdamse Stijl aan de Utrechtse Jan van Scorelstraat, waarvan de gevel wordt gerestaureerd door Van Milt Restaurateurs, vertellen Hinke en Magda over hun keuze voor de bouw. Magda werkt op dit restauratieproject en Hinke is vanuit Velserbroek gekomen. Daar werkt ze voor Koedooder Metselwerken. Ook hun werkgevers Hugo van Milt en Rieuwert Scholten zijn aangeschoven.
Ik heb geen speciale behandeling nodig en kan hetzelfde werk doen op een project als mijn collega’s – Magda Pannekoek
Mannen moesten wennen
Voor de 55-jarige Hinke was de keuze om in de bouw te gaan werken geen bijzondere. “Ik ben een buitenmens en wilde eerst de dierenverzorging in. Mijn vader kluste veel en ik ging vaak mee om te helpen. Dat beviel me zo goed dat ik uiteindelijk een bouwopleiding heb gevolgd, waarna ik aan de slag ging. In de afgelopen 36 jaar heb ik in verschillende functies bij verschillende bedrijven gewerkt. Sinds een jaar werk ik bij Koedooder Metselwerken.”
Haar entree op de bouwplaats was dan ook niet speciaal voor Hinke zelf. “De mannen moesten er wel aan wennen, maar als je laat zien dat je gewoon je werk doet en je eigen zaakjes regelt, is er niets aan de hand. Al heb ik daar zelf nooit echt op gelet, want voor mij is het gewoon mijn werk.”

Magda hoeft, net als Hinke, geen speciale behandeling van collega’s of werkgever.
Geen voer geven
De eerste werkdag in de bouw van Magda is van recentere datum. Haar werk als AI-engineer bood de 27-jarige niet de verwachte voldoening en ze besloot verder te kijken. “Mijn man werkt bij Van Milt Restaurateurs en zo ben ik in aanraking gekomen met het vak. Ik kreeg de kans om als zij-instromer te beginnen en dat is prima bevallen. Het is misschien een drempel om voor het eerst als vrouw een keet met twintig mannen in te stappen, maar je houding bepaalt hoe je wordt ontvangen. Je moet ze geen voer geven om het bijzonder te maken”, zegt Magda.

Hinke werkt al 36 jaar in de bouw en heeft dat geen dag bijzonder gevonden.
Ook voor haar geldt dat ze snel door de collega’s is opgenomen in het team. “Ik heb geen speciale behandeling nodig en kan hetzelfde werk doen op een project als mijn collega’s. Misschien een schoner toilet of een aparte Dixi voor mannen en vrouwen”, zegt Magda lachend, die meteen toevoegt dat ze via de app ‘Hoge nood’ altijd wel een openbaar toilet in de buurt kan vinden. Hinke werkt veel op grote nieuwbouwprojecten. “Daar zijn meestal wel aparte dames wc’s.”

Andere dynamiek in bedrijf
Als werkgever zijn Hugo en Rieuwert nieuwsgierig naar de ervaringen van Magda en Hinke. Zelf ervaren ze dat de aanwezigheid van vrouwen binnen hun bedrijven zorgen voor een andere dynamiek. “Vrouwen brengen iets positiefs mee. Niet alleen op een project, maar ook op kantoor”, zegt Hugo.
Volgens Rieuwert voegen vrouwelijke collega’s iets toe aan het team. “De lompe jongens worden minder lomp en het zwart-wit beeld van vrouwen in de bouw verdwijnt snel. Onze vrouwelijke medewerkers draaien gewoon mee en zorgen bovendien voor iets meer rust.”
Hinke haakt daarop in: “We zijn wat makkelijker dan de meeste mannen. Dat merk ik ook als leermeester, al wordt mijn geduld wel minder. De jongens uit de dorpen zijn harde werkers, maar de stadsjongens zijn wat verwender. Die moet ik vaak wat strenger aanpakken.”

De authentieke gevel van een woonblok in Amsterdamse Stijl aan de Utrechtse Jan van Scorelstraat die door Van Milt Restaurateurs wordt gerestaureerd.
Samen met de collega’s
Voor zowel Hinke als Magda geldt dat ze op de bouw het werk samen met collega’s uitvoeren. “Van de opbouw tot aan het pointeren, we doen alle werkzaamheden samen”, zegt Hinke, die ook de zware klussen gewoon uitvoert. “Als ik iets niet alleen kan tillen, doen we het samen, maar dat geldt ook voor de mannelijke collega’s.”
Magda herkent dat. “Mannen hebben de neiging om wat sneller stoer te doen. Ik sjouw een zak van 25 kilo naar boven, zij pakken er vaak twee tegelijk. Dat is niet per se veiliger voor je eigen lichaam en daar ben ik wel zuinig op.”
Als je laat zien dat je gewoon je werk doet en je eigen zaakjes regelt, is er niets aan de hand – Hinke Wallinga
Waarmee rekening houden als werkgever?
Rieuwert en Hugo merken op dat hun vrouwelijke collega’s geen grote wensen lijken te hebben als het gaat om aangepaste arbeidsvoorzieningen. “Wij vullen dat voor onszelf in omdat we denken dat we ergens rekening mee moeten houden. Mooi om nu te horen dat die behoefte er in de praktijk eigenlijk helemaal niet is”, zegt Hugo. “Jullie ervaringen laten zien dat het normaal is om als vrouw op de bouw te werken, net zoals het dat is voor mannen”, voegt Rieuwert toe.”
Het betekent niet dat Hinke en Magda helemaal geen wensen hebben. “Dat zijn meer praktische dingen. Zoals de werkbroek. Die is in een vrouwenlijn beschikbaar en draagt een stuk comfortabeler, maar de zakken daarvan zijn kleiner dan de herenbroeken. Dat is wel jammer. En als we het dan toch over de broek hebben, misschien kan het logo op een andere plek dan op de kont”, zegt Magda glimlachend. Hugo is blij met de opmerkingen. “Daar wil ik iets mee doen.”
Vrouwen brengen iets positiefs mee. Niet alleen op een project, maar ook op kantoor – Hugo van Milt
Maak het niet speciaal
Praktische wensen of niet, zowel Hinke als Magda benadrukken dat werkgevers in de bouw geen bijzondere omstandigheden voor vrouwelijke medewerkers moeten creëren. Magda: “Maak geen onderscheid, want als je dat vanuit het kantoor doet, gaan collega’s op de bouw dat ook doen.” Hinke denkt er net zo over. “Maak het niet speciaal, want dat is het niet. Dat laat ik al 36 jaar zien.”
Tips voor werkgevers
De voornaamste les die werkgevers kunnen leren van de ervaringen van Magda en Hinke is duidelijk. Juist door vrouwen niet als uitzondering te behandelen, maar als volwaardige collega’s, wordt de bouwsector aantrekkelijker voor vrouwen. In een tijd van grote personeelstekorten ligt hier een grote kans om meer vrouwen enthousiast te maken voor een carrière in de bouw. Helemaal in een werksfeer waarin vakmanschap centraal staat en collega’s elkaar op een normale, respectvolle manier benaderen.
Wat daarbij zeker gewaardeerd zal worden door vrouwelijke medewerkers zijn werkkleding en persoonlijke beschermingsmiddelen die ook voor vrouwen comfortabel en veilig zijn. Dat geldt ook voor praktische werkomstandigheden, zoals nette – en eventueel aparte – toiletvoorzieningen.