BouwBelang: Platform voor bouw en infra van AFNL

Leges: de verdwijntruc van de bouwtoets?

30-06-2026
door Redactie
Nieuws

Toen de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) werd ingevoerd, was één van de logische verwachtingen dat gemeentelijke leges voor bouwprojecten zouden dalen. Immers, gemeenten voeren voor veel nieuwbouwprojecten in gevolgklasse 1 de bouwtechnische toets niet langer uit. Die taak is overgenomen door de kwaliteitsborger. Dat betekent minder werkzaamheden voor gemeenten en dus zou je verwachten dat ook de rekening voor initiatiefnemers lager wordt.

Peter Ligthart, Adviseur Bouwregelgeving voor AFNL.

Peter Ligthart, Adviseur Bouwregelgeving voor AFNL.

Onlangs verscheen het COELO-rapport (Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden) over de ontwikkeling van de leges voor omgevingsvergunningen 2024-2025. Dit rapport laat zien dat het beeld van minder werkzaamheden voor gemeenten en dus een lagere rekening voor initiatiefnemers, maar gedeeltelijk klopt. Wie naar de cijfers kijkt, ziet dat de gemeentelijke leges voor Wkb-projecten inderdaad lager liggen dan vóór de invoering van de Wkb. Dat is een belangrijke constatering. De gedachte achter het stelsel dat de bouwtechnische leges zouden afnemen, blijkt dus niet onjuist.

Tegelijkertijd laat hetzelfde onderzoek zien dat juist bij de projecten die onder de Wkb vallen de sterkste stijgingen van de gemeentelijke leges optreden. Voor een grondgebonden woning bedraagt de stijging tussen 2024 en 2025 bijna 29 procent. Voor een bedrijfshal ruim 25 procent.

Dat roept vragen op

Voor deze projecten is immers geen bouwtechnische vergunning meer nodig. De stijging heeft dus volledig betrekking op de ruimtelijke vergunning. En juist daar lijkt zich een opmerkelijke ontwikkeling voor te doen.

Het COELO-rapport trekt geen conclusies over de oorzaak. Wel constateert het dat de kosten van de ruimtelijke vergunning sterk stijgen, terwijl de kosten van de bouwtechnische vergunning licht dalen. Ook blijkt dat verschillende gemeenten hun tariefsystematiek hebben aangepast. Daarnaast spelen stijgende bouwkosten een rol, omdat veel gemeenten hun leges baseren op een percentage van de bouwsom.

Dat zijn valide verklaringen

Maar vanuit de praktijk van aannemers en opdrachtgevers blijft de vraag bestaan waarom de grootste stijgingen juist zichtbaar zijn bij projecten waarvoor gemeenten minder bouwtechnische werkzaamheden uitvoeren dan voorheen.

Dat betekent niet automatisch dat gemeenten bewust weggevallen bouwleges compenseren via de ruimtelijke vergunning. Daarvoor biedt het onderzoek geen bewijs. Sterker nog: COELO constateert dat de gemiddelde kostendekking van de leges nauwelijks verandert en zelfs licht daalt.

Toch blijft de ontwikkeling opvallend:

Voor aannemers is uiteindelijk niet de juridische of bestuurlijke verklaring doorslaggevend, maar de rekening die op tafel komt. Wanneer de bouwtechnische leges verdwijnen, verwacht men dat dit merkbaar wordt in de totale gemeentelijke lasten van een project. Als tegelijkertijd de ruimtelijke leges sterk stijgen, ontstaat begrijpelijkerwijs de indruk dat het voordeel aan de voorkant weer wordt ingeleverd aan de achterkant.

Dat maakt transparantie belangrijk

Gemeenten doen er goed aan duidelijker inzichtelijk te maken hoe hun tarieven zijn opgebouwd en welke werkzaamheden daartegenover staan. Zeker nu het vergunningenstelsel ingrijpend is gewijzigd, is het van belang dat opdrachtgevers, ontwikkelaars en aannemers kunnen begrijpen waarom de kosten zich ontwikkelen zoals zij doen.

De komende jaren zal moeten blijken of de stijging van de ruimtelijke leges een tijdelijke aanpassing is aan het nieuwe stelsel of het begin van een structurele trend. Het COELO-rapport laat in ieder geval zien dat deze ontwikkeling het verdient om nauwlettend te worden gevolgd. Want als één ding duidelijk is, dan is het dat de discussie over de kosten van bouwen sinds de invoering van de Omgevingswet en de Wkb nog lang niet is afgerond.