Bestelauto Expo 2018 Bestelauto Expo 2018

AFNL en NOA op de bres tegen ’oneerlijke wildgroei’

In de gezamenlijke notitie ‘Werken aan zelfstandigheid’ van AFNL en NOA vragen beide organisaties aandacht voor de blijvende onduidelijkheid rondom zelfstandigen in de bouw. Daarnaast vragen zij de overheid om een aantal maatregelen te nemen om aan die onduidelijkheid een einde te maken en toe te zien op controle op ‘schijnzelfstandigen en koppelbazen’ die nog steeds actief zijn in de bouwsector.

 In geen enkele andere sector van de Nederlandse economie is de toename van zelfstandigen zo groot als in de bouw en afbouw. Begin 2018 zijn hierin meer dan 100.000 zelfstandigen werkzaam. De toename kent een aantal oorzaken, zo schrijven AFNL en NOA. ‘De grootste toename is vanaf 2001 ontstaan. Door de recessie was er onvoldoende werk en raakten een groot aantal bouwplaatsmedewerkers hun baan kwijt. De jongeren hadden slechts recht op een korte WW-uitkering. Om toch in het inkomen te voorzien zijn zij noodgedwongen als zelfstandige aan de slag gegaan.’
Ook de openstelling van de grenzen voor Poolse en Tsjechische werknemers in 2007, het begin van de kredietcrisis in 2009, de onzekere orderportefeuille en de gevolgen van de WWZ worden genoemd. ‘Vanaf 2017 nemen steeds meer werknemers ontslag om als zelfstandige bij andere bedrijven te gaan werken. Door de toename van werk en de krapte op de arbeidsmarkt is het gemiddelde uurtarief gestegen naar gemiddeld € 45 en zijn ook de fiscale voordelen aantrekkelijk om voor dit zelfstandig ondernemerschap te kiezen.’

Zelfstandig of niet?
Vraag is echter of al deze zelfstandigen wel zelfstandig zijn, zo stellen de opstellers van de notitie. ‘Een zelfstandige in de bouw heeft geen keuze waar hij zijn werkzaamheden moet uitvoeren en op welke tijden, welk materiaal hij gebruikt of op welke wijze hij zijn werk doet en moet hij logistieke opdrachten uitvoeren en veiligheidsregels in acht nemen.
Op de bouwplaats ziet men steeds vaker ploegjes zelfstandigen die samen voor één opdrachtgever aan het werk zijn of met andere werknemers samenwerken. Meestal stelt de opdrachtgever het te verwerken materiaal ter beschikking, alsmede hulpmiddelen om de fysieke arbeid te verlichten en steigers om de werkzaamheden op hoogte uit te voeren.’
Dat rechtvaardigt de vraag of wel sprake is van zelfstandig ondernemen. ‘Hierbij spelen in onze ogen criteria een rol als: heeft hij de klus zelf aangenomen en is hij verantwoordelijk voor de kwaliteit? Voert hij een eigen administratie, zorgt hij voor eigen PBM’s en is hij aansprakelijk voor schade ontstaan door slecht werk en gevaarlijke werkzaamheden?’
Wordt er niet aan dergelijke criteria voldaan, is volgens AFNL en NOA meer sprake van werken onder dezelfde voorwaarden als werknemers in dienst.

Uitbuiting

Een ander probleem is dat de zelfstandigen door een uitzend- of detacheringbureau worden aangeboden en vervolgens bij een opdrachtgever tewerk worden gesteld. De wijze waarop dit gebeurt, is gelijk aan die van een uitzendkracht: het uurtarief wordt door de uitlener bepaald, er is geen keuze bij de opdracht, de uitlener stuurt facturen aan de opdrachtgever en er wordt gewerkt met urenbriefjes.
‘De papieren zijn in orde: de zelfstandige is ingeschreven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel, heeft een Overeenkomst Bemiddeling of de Algemene overeenkomst tussenkomst ondertekend. Vaak wordt dit ook door het uitzend- of detacheringsbureau geregeld. Uiteindelijk is deze zelfstandige even afhankelijk van de opdrachtgever als was hij een werknemer of uitzendkracht.
De detacheerder staat een duurzame bedrijfsvoering door de zelfstandige niet voor ogen, maar puur het profiteren van de mogelijkheden die deze constructie biedt door afwenteling van aansprakelijkheid voor zzp’ers op derden (de inleners) en de maatschappij door onverzekerde zzp’ers. Wij noemen dit uitbuiting.’
Ook als het gaat om de controle en handhaving van buitenlandse zelfstandigen, vragen AFNL en NOA meer aandacht van de overheid.

Standpunten
In de notitie stellen de organisaties zich op het standpunt dat er een einde moet komen aan de onduidelijke status van de zelfstandige; op de bouwplaats bijna altijd wordt gewerkt op aanwijzing van bijv. een uitvoerder (werkinstructie) en met anderen wordt samengewerkt en dit niet gezien kan worden als het werken onder gezag; iemand die door een detacheerder of uitzendbureau wordt uitgeleend geen ondernemer is, maar een uitzendkracht is; hier moet dus een verbod op komen; buitenlandse zelfstandigen (en ondernemers) zich bij een instantie moeten aanmelden en dat nieuwe wetgeving moet aansluiten bij de praktijk. Voor dat laatste punt hebben AFNL en NOA een voorstel aan de notitie toegevoegd. Deze is te vinden op www.aannemersfederatie.nl
De overheid moet dan ook zorgen voor duidelijke wetgeving waarin duidelijk wordt waaraan een zelfstandige moet voldoen, die zelfstandige moet zo mogelijk bij wet verzekeringsplichtig worden en dient er een verbod te komen op het uitlenen van zelfstandigen door uitzend- en detacheringsbureaus. Daarnaast moet het registratiesysteem van het verbindingsbureau ingevoerd worden.