“Bescherm het mkb”

Treffender kan het bezoek van de volksvertegenwoordiger eigenlijk niet starten deze vrijdagochtend in november. Directeur Koos Meeuwisse, tweede generatie in het familiebedrijf, heet Steven van Weyenberg welkom in het pand aan de Haagse Mercuriusweg. “Eigenlijk zou mijn zoon u ontvangen, maar hij moest met spoed naar een buurgemeente, omdat daar vanochtend een werk is stilgelegd door de PFAS-problematiek.”

Van Weyenberg, woordvoerder Arbeidsmarkt en vice-fractievoorzitter van de D66-fractie in de Tweede Kamer komt dan misschien niet op bezoek om te praten over deze problemen, maar hij wil wel weten welke consequenties stikstof en PFAS tot nu toe hebben gehad voor de onderneming. “Gelukkig is het pas het eerste werk van ons dat wordt stilgelegd, maar het is natuurlijk wel dramatisch voor de sector”, zegt de 72-jarige Meeuwisse. “Voor vandaag kan ik de 17 mensen die op dat project lopen onderbrengen op andere projecten, maar dat moet niet te lang duren.”


Geen ondernemer meer

Volgens Koos Meeuwisse is ondernemen anno 2019 niet meer wat het vroeger was. “We zijn als ondernemer tegenwoordig in dienst van de BV Nederland. Dat komt vooral door alle wet- en regelgeving waarvan je afhankelijk bent. Mede daarom hebben wij ook machines, panden en andere bezittingen van onze drie bedrijven ondergebracht in een holding om zo de risico’s af te dekken. Ik wil mijn kapitaal niet laten verdampen door steeds veranderende regels en wetten.”

Behalve het grond-, weg- en waterbedrijf Meeuwisse Nederland bv bestaat de holding uit Boeg bv, een constructiebedrijf en PIM Milieutechniek. “Boeg bv komt voort uit onze baggerhistorie waarvoor we zelf boten maakten voor het baggerwerk in de Haagse grachten. En ook de milieutechniek hebben we in ons bedrijf geïntegreerd vanwege de nauwe relatie met grond- en baggerwerk.”


Grootste zorg

Na de actualiteit rond de stikstof en PFAS-problematiek verandert het onderwerp van gesprek. Van Weyenberg bezoekt Meeuwisse op uitnodiging van Stichting AFNL-NOA. Dit middelgroot grond-, weg- en waterbouwbedrijf aan de Mercuriusweg in Den Haag is aangesloten bij MKB INFRA en de Aannemersfederatie. 

AFNL-NOA wil Van Weyenberg als woordvoerder Arbeidsmarkt laten weten tegen welke problemen mkb-ondernemers aanlopen op het gebied van arbeidsmarktontwikkeling en sociale voorzieningen. “Wat is jullie grootste zorg op dit gebied?”, wil Sharon Gesthuizen, als voorzitter van de Stichting AFNL-NOA eveneens aanwezig, graag weten. “Dat is toch wel het grote risico dat je als werkgever loopt met je vaste personeel als je kijkt naar pensionering en loondoorbetaling bij ziekte”, zegt Jos Pfeifer, bedrijfsleider binnen het bedrijf en verantwoordelijk voor onder andere personeel.


Prettig richting pensioen

Meeuwisse heeft 43 mensen in vaste dienst. Pfeifer: “Daarvan zijn er tien ouder dan 60 jaar en die hebben allemaal minimaal twintig dienstjaren achter de rug. Het risico dat zij klachten krijgen of uitvallen is relatief groot en daar willen wij als werkgever graag in voorzien. Zo hebben we een medewerker die reuma heeft en wegens rugklachten eigenlijk niet meer ingezet kan worden op een gewoon werk.”

Voor deze medewerker heeft Meeuwisse een tijdelijke oplossing gevonden. “Nu zetten we hem als chauffeur in om met materialen rond te rijden, maar dat is eigenlijk geen goede oplossing. Je kunt niet voor alle medewerkers die eigenlijk lichamelijk ‘op’ zijn een alternatief bieden. Maar we zijn een sociaal bedrijf dus we zeggen ook niet ‘bedankt en zoek maar iets anders’. We willen het liefst dat ze prettig richting hun pensioen kunnen.”


Niet alles voorkomen

Op de vraag van Gesthuizen of het werk in de bouw tegenwoordig niet een stuk lichter is door arbo-regelgeving, antwoord Pfeifer bevestigend. “Zaken als tilnormen zijn wel opgenomen in de bestekken dus er is zeker verbetering ten opzichte van vroeger.” Meeuwisse valt in: “Probleem is wel dat wij ze maar 36 uur in de week zien. Wat ze thuis of in de sportschool doen, zien we niet. Dus je kunt wel regels opstellen, maar dat betekent niet dat je daarmee alles voorkomt. En als het bij een werknemer tot arbeidsongeschiktheid komt, word je daar als werkgever wel op afgerekend.”

Van Weyenberg erkent dat er bij arbeidsongeschiktheid inderdaad geen onderscheid wordt gemaakt tussen werk en privé als het gaat om het ontstaan ervan. “En de periode van loondoorbetaling bij ziekte blijft met twee jaar erg lang. Een overblijfsel van het WAO-debacle waardoor de premies ook door het dak zijn gegaan. Daarom begrijp ik ook wel dat jullie nu zeggen: eerst zien dan geloven”, aldus het kamerlid.


Verzekering

Dan komt ook de ontzorgverzekering die werkgever per 1 januari kunnen afsluiten tegen dit risico ter sprake. Doordat noch de verzekeraars noch het ministerie van Sociale Zaken hierover amper communiceert, weten werkgevers niet waar ze aan toe zijn. Een geluid dat wel gehoor vindt bij de D66’er. “Zo’n regeling moet ontzorgen en werkgevers de mogelijkheid bieden zich goed te verzekeren. Zo is het ook afgesproken.”

Gesthuizen benadrukt dat het daarom ook belangrijk is dat de Tweede Kamer een vinger aan de pols houdt. “Onze achterban moet kunnen vertrouwen op de kamer dat zij haar werk goed doet en het ministerie controleert.” Inmiddels heeft AFNL-NOA hierover ook richting convenant-partners haar ongenoegen hierover geuit.


Meer in vaste dienst

Dat zo’n verzekering een oplossing kan zijn, weten ze bij Meeuwisse ook. Pfeifer: “We hebben net een zaak afgerond. Na een traject van in totaal drie jaar werd de medewerker 100 procent afgekeurd. Terwijl we alle adviezen van de bedrijfsarts steeds opgevolgd hebben. Dat heeft ons bijzonder veel geld gekost.” 

“Dat zou niet moeten kunnen”, reageert Van Weyenberg. “Als je er als werkgever nu een potje van maakt, kan ik me er iets bij voorstellen. Maar als je de adviezen van de specialisten volgt en goed werkgeverschap toont, moet dit niet kunnen gebeuren. We willen met de ontzorgverzekering juist zorgen dat jullie weer meer mensen in vast dienst durven te nemen.”


Verhouding vast-flex

Van Weyenberg wil weten of dit ondernemersrisico de voornaamste reden is dat Meeuwisse kiest voor een vast-flexverhouding van 35-65. “Het is zeker een van de redenen”, zegt Pfeifer. “Maar het nog steeds ongewenst clusteren van opdrachten speelt hierin ook een grote rol. Vaak zijn de werken te groot om als mkb-bedrijf alleen op in te schrijven. En we proberen wel tot strategische samenwerkingen te komen, maar in de meeste gevallen vist het mkb nog steeds achter het net.”

“Wij zijn een echte prijsvechter en daar zijn we trots op. Iedereen werkt hier mee in het bedrijf, we hebben amper overhead en daardoor kunnen we tegen gunstige tarieven werken aannemen. Ik heb het gevoel dat de meeste overheden niet stilstaan bij het belang van het mkb voor de economie. Als wij er straks niet meer zijn, betaalt de opdrachtgever echt de hoofdprijs”, zegt Meeuwisse. “Bescherm het mkb”, klinkt het richting de volksvertegenwoordiger, die toezegt hierover met zijn collega Economische Zaken te overleggen. “We moeten de minister blijkbaar scherper houden dan nu gebeurt.”


Door wetgeving gedwongen

Meeuwisse benadrukt dat de ‘scheve’ verhouding tussen vast en flex overigens niet wenselijk is. “Wij willen dat niet, we worden door wetgeving gedwongen. Waarom wordt er niet gekeken naar het model dat in Scandinavië veel wordt toegepast. In het Deense model is niet baanzekerheid, maar werkzekerheid het streven. Denemarken koppelt

een soepel ontslagrecht aan maatregelen om mensen vervolgens – na hun congé – weer snel aan een baan te helpen. Arbeidsmarktmobiliteit staat dus voorop in het Deense model.

Dat biedt al meer flexibiliteit.”

“Maar krijg je die flexibiliteit ook al niet met de nieuwe Wet Arbeidsmarkt in Balans die in 2020 ingaat?”, wil Van Weyenberg weten. “Daarmee worden de mogelijkheden voor ontslagaanvraag verruimd door de cumulatie van ontslaggronden en wordt vast minder vast en flex minder flex. En daarmee wordt vast goedkoper en flex duurder.”


Werkgever zit er mee

Volgens Meeuwisse niet echt een oplossing waar mkb-ondernemers veel aan hebben. “Ik vraag me af wie je een plezier doet met deze regels. De werknemer wordt beschermd door de wetgever en de werkgever zit er weer mee. Ik ben het ook niet met je eens dat flex duurder wordt. Als opdrachten uitdrogen, zitten wij nog steeds met 43 vaste medewerkers.”

Volgens Van Weyenberg is het risico voor bedrijven nu vooral groot omdat er gevochten wordt om goed personeel en daarom is het belangrijk om mensen aan je te binden. “Zzp’ers kunnen in die krappe markt hogere tarieven vragen.”


Opleiden

Pfeifer stelt dat voor Meeuwisse geldt dat veel personeel laag- of ongeschoold binnenkomt. “Vervolgens gaan wij ze zelf opleiden. Wij investeren veel in onze medewerkers en doen er alles aan om ze te laten ervaren wat de meerwaarde van de opleiding is. Daarmee binden we onze medewerkers en verhogen we de kwaliteit van ons werk.”

Zowel de grondwerkers als stratenmakers van Meeuwisse moeten eind 2020 een diploma of certificaat hebben gehaald. “Daarin investeren wij als werkgever flink, maar het zorgt ervoor dat onze medewerkers er niet aan denken om bij ons weg te gaan.” Meeuwisse vult aan: “Ik wil dat personeel weer aan de kapitaalkant van de balans komt en niet langer aan de risicokant staat.”


Financiële crisis galmt na

Volgens Gesthuizen speelt de financiële crisis veel ondernemers nog parten. “Die crisis zit bij veel mkb-ondernemers nog dicht onder de huid. Heb je die net overleefd en denk je weer te kunnen gaan bouwen, komt de stikstof en PFAS-problematiek er overheen. Met - volgens berekeningen van het EIB - nu al 6 miljard euro schade en 40.000 banen die op de tocht staan.”

Van Weyenberg is zich bewust van de onrust die deze crises veroorzaken. “Hoewel we lessen hebben geleerd tijdens en van de financiële crisis, hebben we ook zeker kansen laten liggen. Hadden we maar meer geïnvesteerd in bouw, zorg en onderwijs. Dan hadden we nu een deel van de problemen in de bouw en zorg niet gehad.”


Slecht imago

In de jaren na de crisis is de druk op de bouw en infra enorm toegenomen door de sterk groeiende vraag. Van Weyenberg: “Doordat partijen als het VNO veel te lang alleen maar zijn opgekomen voor de hele grote jongens, en met name daar grof geld verdiend werd door slimme constructies en belastingtrucjes, is de bouw in een slecht daglicht gekomen. Dit slechte imago helpt ook niet richting onderwijs en instroom. Het zorgt er ook voor dat het vast contract een beetje uit de markt is geprijsd. Om te voorkomen dat een vast contract ‘iets uit de tijd van onze ouders’ wordt, komt er ook een minimumtarief voor zzp’ers.” 


Discriminatie

Dan komen de onderwerpen diversiteit en discriminatie op tafel. “Ik durf wel te stellen dat wij een zeer divers medewerkersbestand hebben”, zegt Pfeifer. “We hebben tien man aan het werk van Turkse komaf, vijf Polen en tien medewerkers van verschillende andere nationaliteiten. We doen zwaar werk en daar draait die groep zijn handen niet voor om.”

Momenteel wordt er door het ministerie van SZW een wet voorbereid die discriminatie bij werving en selectie moet tegengaan. Vanuit AFNL-NOA wordt het bezwaar tegen de invulling van dit voorstel ter discussie gesteld. “Werkgevers moeten dan schriftelijk gaan vastleggen hoe ze in een sollicitatieprocedure discriminatie tegengaan. In onze ogen overbodig omdat onze achterban medewerkers selecteert op kwaliteit en vakkennis”, zegt Gesthuizen. AFNL-NOA heeft deze zorg inmiddels ook geuit in een brief aan staatssecretaris Van Ark van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.


Begrip

Van Weyenberg kan zich de kritiek op het voorstel indenken, maar vraagt begrip voor het initiatief. “We moeten echt wat met discriminatie bij werving doen want het loopt soms echt de spuigaten uit. Deze wet moet ons de kans bieden om platgezegd de echte kloothommels die er een puinhoop van maken aan te pakken.”

Probeer er dan een positieve draai aan te geven, oppert Meeuwisse. “Ik weet zo niet hoe, maar beloon de werkgevers die het goed doen en laat ze niet het slachtoffer zijn van de slechten.” Een suggestie die Van Weyenberg aanspreekt. “Ik wil er ook graag een positieve draai aan geven, maar feit is wel dat het probleem landelijk gezien echt toeneemt.”


Duurzaam

Voordat het gezelschap een ronde over het bedrijfsterrein maakt, vragen Pfeifer en Meeuwisse aandacht voor de duurzame ambities van het gww-bedrijf. “Wij willen meer doen dan duurzaam omgaan met onze medewerkers. Ook daar waar we kunnen bijdragen aan het milieu en de omgevingsoverlast tijdens onze werkzaamheden, vinden we het belangrijk om zaken als uitstoot en geluidsoverlast tot een minimum te beperken. Zo hebben we recent vijf elektrische mini-gravers gekocht. Daarmee zijn we de eerste in Nederland”, zegt Pfeifer niet zonder trots.

Hoewel deze investering betekent dat Meeuwisse hiermee voorlopig onder kostprijs moet werken op projecten waar deze machines worden ingezet, is toch besloten het te doen. “Wij vinden het belangrijk om nu in te stappen in die verduurzaming. Als mkb-bedrijf zijn we nauw betrokken bij de samenleving waarin en waarvoor we werken.” En het blijkt dat opdrachtgevers dit waarderen.