Nu in BouwBelang

Kasteel verliest roze kleur

En verder:
+ 'Eerst rekenen, dan knopen doorhakken'   

+ Plus-Op-de-Meter in Voorhout 

+ Slooplocatie levert bouwdelen

“Eerst doorrekenen, dan beslissen”

De klimaattafels vergelijkt hij met een Poolse landdag. Hij hekelt de koers van links in het klimaatdebat. Doorgaan met gasaansluitingen bij nieuwbouwwoningen zou wel eens slim kunnen zijn. Wetenschappers moeten hun stem laten horen in maatschappelijke discussies. Meer geld voor onderzoek naar slimme energieopslagsystemen. Nederland heeft behoefte aan een planbureau voor technologie. Een extra CO2-heffing voor de industrie is dom. En, verrassend… hij zit in het lokale bestuur van GroenLinks. Hoogleraar David Smeulders onderbouwt zijn visie met spijkerharde cijfers en kennis van de stand der energietechniek.

Hij praat op kalme toon en lardeert zijn betoog met subtiele humor. Het moet een genoegen zijn onder zijn leiding onderzoek te doen. Maar, zegt hij, het is vooral de maatschappelijke uitdaging die vele jonge studenten naar zijn onderzoeksveld trekt. David Smeulders is hoogleraar Energie Technologie aan de TU Eindhoven. En sinds zijn brief in de Volkskrant waarin hij zijn verontrusting uitspreekt over het overhaaste afscheid van een gasnetaansluiting, geniet hij landelijke bekendheid. Wat stoort hem aan de klimaatdiscussie zoals deze in Nederland gevoerd wordt?

“Het middel is doel geworden. Dat we van het gas afmoeten staat niet ter discussie. Het gaat alleen nog maar om de vraag hoe we dat realiseren. En daarop heeft het bedrijfsleven natuurlijk wel een antwoord. Terwijl ik nog nergens een goede onderbouwing heb gezien of die maatregel wel leidt tot het resultaat waar het in het klimaatdebat om gaat, namelijk: reductie van de CO2-emissie. Als wetenschapper vind ik dat erg onbevredigend. Dus heb ik wat cijfers in een excel-spreadsheet gezet en de scenario’s en de gevolgen van de maatregelen uit het klimaatakkoord geraadpleegd die zijn samengesteld door Machiel Mulder van het Centre for Economic Energy Research (RU Groningen). Da’s allemaal niet zo ingewikkeld. Daarmee ben ik op eigen initiatief – want wetenschappers waren niet uitgenodigd – aangeschoven aan een klimaattafel. Nou, dat was dus niet de bedoeling. Want fundamentele vragen stellen over wat allang vaststaat, doen we niet.”

Smeulders vergelijkt de klimaattafels met een Poolse landdag. Er is een doodzieke patiënt, maar niemand komt op het idee er een dokter bij te halen. In plaats daarvan gaat men in conclaaf, een soort community gathering, om erover te praten. De één heeft thuis nog wat medicijnen liggen, die – aldus zijn vaste overtuiging – tegen alle ziektes helpen. De ander vindt aderlating wel een goed idee – hij verkoopt namelijk scherpe mesjes. “We hebben draagvlak verward met belangenbehartiging.”


Cijfers

Over welke cijfers heeft Smeulders het precies?

“We weten waar het naartoe moet. Dat staat keurig in het ontwerp klimaatakkoord. Tot 2030 hebben we de tijd om alle kolencentrales te sluiten. We weten hoeveel windparken er gaan komen. En dan verwerk je ook de kennis over groeicurves in dit soort processen – in de opstartfase ligt het tempo niet hoog, daarna komen de ontwikkelingen pas goed op gang. Dat zet je netjes in een modelletje en dan blijkt, dat je met het meest ambitieuze scenario voor niet-fossiele brandstoffen (zon, wind en dergelijke) door van het gas af te gaan ongeveer 4 procent CO2 per jaar kunt besparen in 2030. We produceren in de gebouwde omgeving ongeveer 24 megaton aan kooldioxide. In het ontwerp klimaatakkoord staat een reductie van 3,4 megaton en die komt dan bovenop een eerder geformuleerde opgave van 5,7 megaton. Totaal 9,1 megaton en dat komt overeen met een reductie in 2030 van 37 procent! Die 4 procent schiet dus niet erg op. Bovendien voorzie ik een enorme stijging van het stroomverbruik, als je van het gas afgaat. Dat is gemakkelijk uit te rekenen. Een gemiddeld gezin heeft een jaarlijks stroomverbruik van 3000 kilowattuur en een gasvraag van 1500 kubieke meter. Die 1500 kuub gas staat gelijk aan 15.000 kwh. Geen gas in huis betekent vijf maal zoveel stroom. Bovendien groeit het stroomverbruik ook nog eens, doordat we bijvoorbeeld meer elektrisch gaan rijden. In de scenario’s die ik gezien heb, kom je uit op een verdubbeling. Die stroom moet je opwekken en dat lukt alleen door inzet van fossiele brandstof. Dus meer gasgestookte centrales, want kolen willen we niet meer. En dan bereik je wat je juist niet wilt, namelijk een toename van de CO2-emissie. Om maar te zwijgen over de kosten die gemoeid gaan met de verzwaring van het elektriciteitsnet, onder meer een compleet nieuw hoogspanningsnetwerk. Mel Kroon, de voormalig ceo van TenneT, zei onlangs in een interview dat we in Nederland een campingnetje hebben, juist doordat er twee complementaire systemen – gas en stroom – zijn.”


Isolatieprogramma

De hoogleraar ziet voor de korte termijn tot 2030 veel meer in een fatsoenlijk isolatieprogramma. 3,3 miljoen van de in totaal 7,7 miljoen woningen zijn inmiddels voorzien van een energielabel, waarvan het merendeel D of slechter is gekwalificeerd. Zijn advies: isoleer die woningen fatsoenlijk voor een opwaardering tot label B. Volgens hem is alleen al door die maatregel een CO2-reductie van 50 procent te realiseren. “Die 37 procent heb je dan in de knip. Neem die tijd tot 2030 om rustig na te denken over vervolgstappen tot 2050. Van het gas af kan altijd nog. Dat is namelijk niet zo moeilijk. Je kunt heel eenvoudig thuis de gaskraan dichtdraaien. Kost je nog geen vijf minuten tijd.”


Behoud gasnetwerk

Het is volgens Smeulders echter de vraag of het met het oog op toekomstige ontwikkelingen verstandig is om afscheid te nemen van zo’n fijnmazig vertakt netwerk van gasleidingen. Wat bedoelt hij daar precies mee? “Wie iets met duurzame energie wil, moet ook nadenken over opslag. Er zijn dagen waarop het niet waait en de zon niet schijnt. Op die dagen moet er toch energie geleverd worden. Elektriciteit kun je moeilijk in grote hoeveelheden opslaan. Met stroombatterijen kun je die vraag niet opvangen. Het is niet voor niks, dat TenneT nu al vaak nee verkoopt als je op zonnige dagen het overschot aan elektrische energie uit je pv-panelen wilt terugleveren aan het net. Je kunt er op wachten dat die salderingsregeling een keer stopt. Daar sta je dan met je nul-op-de-meter (nom) woning. Overigens vind ik die nom-aanduiding een totaal verkeerde en verhullende term. Je spreek namelijk van nom op basis van een gerekend gemiddelde over een jaar. Maar ondertussen maak je wel gebruik van de infrastructuur om de fluctuaties uit te middelen. Met andere woorden: jij maakt mooie sier en de problemen leg je op het bordje van de overheid. Zonder een opslagsysteem om fluctuaties op te vangen zit je gewoon te pronken met andermans veren. Maar dit terzijde. Waar ik naartoe wil: via het gasnetwerk kun je in de toekomst wellicht het overschot aan elektrische energie gemakkelijk opslaan.”

Stroom opslaan via gasleiding? Dat vraagt om uitleg. “Wij experimenteren in het laboratorium met conversiesystemen. Iedereen die op de middelbare school gezeten heeft, kent het principe. Je hangt twee elektroden in het water en bij de ene pool ontstaat zuurstof, bij de andere waterstof. Je kunt dus waterstof maken van elektriciteit. En van waterstof is het maar een kleine stap naar methaan. Dit is bijvoorbeeld onderzocht door een promovenda van Bert Weckhuysen, hoogleraar Chemie in Utrecht. Je moet er CO2 aan toevoegen en dat haal je uit een opslagtank of uit de lucht. Wat je noemt een win-winsituatie. Van elektronen maak je moleculen. Dat is wat je eigenlijk aan het doen bent. En dat gas kun je samenpersen en opslaan voor later gebruik om er bijvoorbeeld weer elektrische energie van te maken. Sterker nog: we hebben al een gasopslag in Bergermeer (NH). Daar past 130 terawattuur in. In Nederland gebruiken we met z’n allen 120 terawattuur stroom per jaar.”  


Elfstedentocht

Er zijn meer ontwikkelingen die op termijn een belangrijke rol kunnen spelen in de opslag van energie. Smeulders wijst op de afkortingen tea, teo en ted – thermische energie uit afvalwater, oppervlaktewater en drinkwater. Warmte halen uit oppervlaktewater heeft volgens hem belangrijke positieve bijwerkingen. “Het water koelt af. Je kunt er het zogeheten hitte-eilandeffect in de binnensteden mee te lijf gaan. Verder wordt de kwaliteit van het water beter, want je hebt minder last van algengroei. En – aldus Andy van den Dobbelsteen, hoogleraar Climate Design & Sustainability aan de TU Delft – de kans op een Elfstedentocht neemt toe. Een aardige metafoor om het systeem aan de man en vrouw te brengen. Het systeem is ook goed inzetbaar op wijkniveau en relatief eenvoudig en goedkoop aan te leggen. Kunststofleidingen volstaan. Die breng je aan door horizontaal gestuurd te boren. Dus nauwelijks graafwerk.”

Ook de ontwikkelingen rond PCM’s, phase change materials zijn veelbelovend. Door warmteopname uit de omgeving smelt de zoutoplossing of –kristallen en koelt de omgeving af. Wanneer de temperatuur zakt, stolt het materiaal weer en geeft warmte af aan de omgeving. De zouten zijn bijvoorbeeld in driehoekige warmtebatterijen te stoppen voor onder de trap. 


Kattengrit

Smeulders “TCM’s, thermochemical change materials, zijn een volgende stap. Daarbij gaat het om het absorptievermogen van zouten. Wij hebben proeven gedaan met kattengrit. (zie ook: youtube, Universiteit van Nederland, Smeulders – red.). Het grit is dan de warmtebatterij. Hierin zit warmte opgesloten dankzij stroom uit de pv-panelen of warmte van zonnecollectoren. De opslagcapaciteit is een factor vijf hoger dan bij pcm’s. Er zijn fabrikanten die de warmtebatterij leveren plus het hele systeem er omheen. Wij hebben in ons laboratorium zo’n slim conversiesysteem staan, formaat wasmachine. En eigenlijk werkt ‘t heel simpel. Stroom erin, warmte eruit via waterleidingen die er omheen gewikkeld zijn. Dus eveneens een manier om stroomoverschotten op te slaan in warmte, waarmee je op een later tijdstip fluctuaties kunt opvangen.” 


Stem laten horen

Smeulders heeft onlangs stof doen opwaaien door een ingezonden brief in de Volkskrant. Waarom zoekt hij de publiciteit? “Het energiedebat houdt de mensen bezig. Ik merk dat aan de reacties op mijn stuk in de Volkskrant. De teneur van 80 procent van de reacties was er één van: goed dat het gezegd wordt. Twintig procent vindt mij een klimaatontkenner, wat natuurlijk flauwekul is. De uitslag van de provinciale verkiezingen spreken boekdelen. Die gingen over het klimaat. Als dat zo doorgaat, dan voorzie ik dat op zich verstandige partijen als GroenLinks waarvoor ik actief ben op lokaal niveau, altijd kleiner blijven dan klimaatontkenners. Simpelweg, omdat er een energiebeleid gevoerd wordt waar de mensen niks meer van snappen. Ik begrijp dat ze het niet meer volgen, want het beleid is niet onderbouwd met steekhoudende cijfers. Het is niet uit te leggen dat Nederland nota bene met het meest geavanceerde gasnetwerk van Europa van het gas af wil en in België en Duitsland de burgers een premie krijgen als ze een gasaansluiting nemen. Het wordt bizar als je je realiseert dat beide maatregelen genomen worden om de CO2-uitstoot te verminderen. Kiezers zijn niet gek en je hebt hun steun hard nodig als je iets wilt doen tegen de klimaatverandering. Wie wet wil maken van ongefundeerd energiebeleid – normeren heet dat in Haags jargon – ondergraaft zijn geloofwaardigheid. 


Doe iets in Europa

Ik vind dat ook van het onbezonnen voorstel om de industrie extra te belasten voor CO2-uitstoot. Je gaat dan tornen aan het level playingfield, want in Duitsland gaan ze die extra belasting heus niet doorvoeren. Alsof de kooldioxide die we in Nederland uitstoten de lucht ernstiger verontreinigt, dan dezelfde hoeveelheid die in onze buurlanden de lucht in gaat. CO2 trekt zich helemaal niets aan van de nationale grenzen. Bovendien hebben we in Europees verband een prima heffingsstelsel, de Emission Trading System (ETS). Meer dan 400 Nederlandse bedrijven inclusief de energieproducenten betalen 25 euro (was ooit 5 euro) voor elke ton die ze de lucht inblazen. Als je dat te weinig vindt, doe er dan wat aan in Europees verband! Dat is veel effectiever, minder gemakkelijk te omzeilen en duidelijk voor de ondernemingen.” 


Richt Planbureau Technologie op

Verder vindt hij dat wetenschappers van zich moeten laten horen. “We zijn in het verleden wellicht te vaak afwezig geweest in het publieke debat. Het wordt tijd dat daar verandering in komt. Als men ons niet begrijpt, moeten we op zoek gaan naar andere woorden en ons verhaal opnieuw vertellen. Dat is belangrijk, want de stem van de technologie wordt niet of nauwelijks gehoord bij politieke partijen. Deze laten zich niet adviseren door techneuten die verstand hebben van de materie. Er heerst onder politici een zeker dedain voor wat er uit onze koker komt. Dat is in Duitsland toch even anders. Daar hebben ze het Kopernikus-programma met een budget van meerdere miljarden euro’s. Aan het hoofd staat een professor met een technische achtergrond. Belangrijkste opdracht: realiseer energieopslag na 2030.”

Heeft de top van zijn eigen partij wel eens om zijn advies gevraagd? “Tot op heden niet. Belangrijker vind ik overigens dat er een orgaan komt, dat gevraagd en ongevraagd advies kan uitbrengen aan de regering. Noem het een Planbureau voor de Technologie, dat met gezag een samenhangende visie kan presenteren op de energietransitie vanuit een technisch perspectief. Daar hebben we in Nederland behoefte aan.”


Overtuigend

Het betoog van Smeulders klinkt overtuigend. Hoe verklaart hij dat die logica niet aankomt in politiek Den Haag, zijn eigen partij voorop? “Ik denk dat het met de seismische onrust in Groningen te maken heeft. Door te zeggen dat je van het gas af wilt, geef je impliciet te kennen, dat je begaan bent met het lot van de Groningers. Dat is dan twee vliegen in één klap, want ook nog eens minder CO2, ook al is het niet zoveel minder. Maar iets doen – wordt er dan gezegd – is beter dan niets doen en we zitten alvast op de goede weg. Ik vind dat een raar soort vlijt en om tal van redenen is het de vraag of de gekozen weg wel de juiste. Verder hoor je ook wel eens het argument dat men geen gas van Putin wil, want: enge man. Maar we kunnen dat gas ook elders kopen, totdat we op goede gronden kunnen besluiten de gaskraan dicht te draaien.”